NWO-I

NWO - Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek - print-logo

URL voor deze pagina :
https://www.nwo-i.nl/nieuws/2004/05/14/over-asfalt-mummiepigment-en-bruinkool-in-19e-eeuwse-schilderijen/

Geprint op :
19 februari 2019
22:08:52

Het FOM-instituut AMOLF beschikt over massaspectrometrische technieken en expertise om de samenstelling en de ouderdom van complexe organische moleculen aan de hand van minieme hoeveelheden monstermateriaal te bepalen. De eerste opdracht van Languri was dan ook om in monsters van een aantal 19e-eeuwse schilderijen vast te stellen of de donker gepigmenteerde verf inderdaad asfalt, mummiepigment en Kasselse aarde bevat. Ze onderzocht daarvoor monsters van "La descente des vaches" van Theodore Rousseau (1812-1867) en "Alleen op de wereld" van Josef Israëls (1824-1911), allebij in het Mesdag Museum in Den Haag en "The Death of Dido" van Sir Joshua Reynolds (1723-1792), in de Royal Collection in London. Ter controle werd ook pigmentmateriaal onderzocht uit de 19e-eeuwse verzameling schildermaterialen van het Teylers Museum in Haarlem (de zogeheten Hafkenscheidcollectie). Het asfaltmonster uit die collectie blijkt inderdaad uit de 19e eeuw te stammen. Het lijkt veel op asfalt uit de Dode Zee en is in ieder geval afkomstig uit het Midden-Oosten, zoals altijd is verondersteld. Ook het monster mummiepigment bevat aantoonbaar alle bestanddelen (restanten asfalt, bijenwas en menselijke vetten) die dit pigment - dat werkelijk van een mummie werd gemaakt! - als zodanig karakteriseren. Kasselse aarde is bruinkool en de technieken van AMOLF wijzen inderdaad op de karakteristieke fossiele bladresten voor de bruinkool uit dat gebied (vergelijkbare pigmenten zijn Keulse aarde en Vandyke bruinpigmenten). De schilders in het verleden konden over al deze pigmenten beschikken.

 

De identificatie van deze pigmenten in verouderde olieverf blijkt echter geen eenduidige resultaten op te leveren. Daarom heeft Languri vooral gekeken naar de invloed van deze pigmenten in olieverfmodelsystemen om na te gaan hoe ze de samenstelling van het oliebindmiddeldeel van de verf beïnvloeden. Volgens methoden uit de 19e eeuw werden geschilderde modelsystemen gemaakt. Onderzoek aan deze systemen leerde dat natuurlijk asfalt in de lijnzaadolie van de verf de chemische verandering van de olie sterk vertraagt. Als gevolg daarvan verloopt ook de chemische droging van de verf veel langzamer en deels anders dan normaal. Geroorsterd of in hars verhit asfaltpigment heeft dit nadeel overigens niet. Kasselse aarde bleek daarentegen nauwelijks invloed te hebben op het oliebindmiddeldeel. Een poging om deze effecten ook in echte schilderijen vast te stellen had minder resultaat, vooral omdat bleek dat de samenstelling van die verf veel complexer is dan het modelsysteem. Een positief resultaat is dat de verschillende pigmenten door chemische reacties in de drogende verf voor zeer goed herkenbare specifieke moleculen zorgen, die kunnen worden gebruikt als 'biotracers'. We weten dus nu beter, aldus Languri, waar we precies op moeten letten bij verder onderzoek.

Meer informatie bij prof.dr. Jaap Boon, AMOLF, telefoon (020) 608 12 34 of ir. Georgiana Languri, AMOLF, telefoon (020) 608 12 34.