NWO-I

NWO - Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek - print-logo

URL voor deze pagina :
https://www.nwo-i.nl/personeelsinformatie/werk-en-arbo/werkenmetstraling/ioniserende-straling/welke-maatregelen-moet-ik-in-acht-nemen/

Geprint op :
17 december 2018
20:46:12

Om de werkomstandigheden zo optimaal mogelijk te houden zijn verschillende punten van belang.

  • Houd de hoeveelheid gebruikte radioactiviteit zo laag mogelijk.
  • Houd de blootstelling zo kort mogelijk.
  • Houd de afstand tot de bron zo groot mogelijk.
  • Gebruik afscherming (bijvoorbeeld loodafscherming bij het werken met gammastralers; perspex afscherming bij bètastralers).
  • Gebruik indien voorgeschreven persoonlijke beschermingsmiddelen (loodschort, loodhandschoenen etc.).

Hoe werk ik veilig met röntgenstraling?
Röntgenstraling ontstaat wanneer elektronen of ionen met materie botsen. Bij constante intensiteit van de deeltjesbundel neemt de doserings­snelheid bij toename van de energie sterk toe; bij een versnelspanning van enige tientallen kilovolts kan een verdubbeling van de ver­snellende spanning een meer dan duizendvoudige vergroting van de doseringssnelheid veroorzaken.

Belangrijk om te weten:

  • alleen deskundigen mogen röntgenmetingen uitvoeren; de aanwijzing van de verschillende stralingsmonitors vereist interpretatie;
  • in vacuüm bestaat bij spanningen hoger dan 5 kV en/of stromen groter dan 1 mA de mogelijkheid van een ontoelaatbare stralingsintensiteit. Indien deze situatie zich ergens kan voordoen - denk hieraan vooral bij nieuwe opstellingen! - moet de stralingsdeskundige hiervan zo spoedig mogelijk op de hoogte gesteld worden; deze kan dan een doelmatige meting verrichten;
  • experimenten waarbij (de mogelijkheid van) een ontoelaatbare stralings­intensiteit bestaat, dienen te zijn voorzien van een deugdelijke afscher­ming, markering, stralingsmonitor en waarschuwingslampen. Dergelijke experimenten zijn vergunningsplichtig.

Tips

  • Zorg dat de apparatuur afdoende afgeschermd is.
  • Laat de apparatuur op voorgeschreven wijze onderhouden.
  • Laat bij twijfel door de stralingsdeskundige metingen uitvoeren.
  • Draag indien de dosistempi hoog zijn loodschorten en andere persoonlijke beschermingsmiddelen.